Leusden
en de Wet Inburgering
Er komen soms wel eens mooie dingen
uit Den Haag. Van de Wet Inburgering kan dit bepaald niet gezegd worden.
In de Informatieronde van donderdag 23 november werd de startnotitie Wet
Inburgering behandeld. De heer van der Ven van Vluchtelingenwerk Leusden
was als informant aanwezig.
Wet Inburgering beoogd in grote lijnen een algemene inburgeringplicht
voor vreemdelingen (oudkomers en nieuwkomers inclusief vluchtelingen met
een status en Antilianen/Arubanen) van 16 tot 65 jaar. Daarnaast worden
ook genaturaliseerde Nederlanders met opvoedingstaken en/of met een uitkering
en sollicitatieplicht verplicht zich in te burgeren. Overige genaturaliseerde
Nederlanders vallen niet onder de inburgeringplicht. Het is natuurlijk
meer dan noodzakelijk dat mensen waar het in deze wet overgaat zich op
een goede manier verstaanbaar kunnen maken in onze samenleving. Dus moet
je Nederlands kunnen spreken, lezen en schrijven. Dit geeft je op vele
terreinen in de Nederlandse samenleving voordelen. Je kunt met andere
mensen praten, kranten lezen, formulieren invullen en sollicitatiebrieven
schrijven. Het voert hier te ver om op alle onderdelen van deze wet in
te gaan. Maar de mensen die het aangaan krijgen ontzettend veel verplichtingen
opgelegd met allerlei sancties waaronder boetes, voorlopig geen vergunning
voor verblijf voor onbepaalde tijd, tot aan terugsturen waar je vandaan
komt.
Gelukkig heeft vooral de oppositie in de Tweede Kamer een groot aantal
wijzigingen voorgesteld doe door het kabinet (lees minister Verdonk) zijn
overgenomen. Ik laat maar in het minden hoe het oorspronkelijke wetsvoorstel
er uit heeft gezien. Maar de “Hand van Verdonk” is meer dan
aanwezig in deze wet. Het voert hier te ver om op alle onderdelen van
deze wet in te gaan. Eén ding wil ik er wel uitlichten, namelijk
het volgende.
“Voor asielgerechtigde inburgeringsplichtigen bestaat een inburgeringvoorziening
ook uit maatschappelijke begeleiding”. Dit betekent dat een organisatie
als Vluchtelingenwerk Leusden zich met deze maatschappelijke begeleiding
bezig moet gaan houden. Dat is toch wel meer dan het alleen invullen van
de veelheid van formulieren. Voor deze maatschappelijke begeleiding (tijdens
de kamerbehandeling is dit door mevr. Sterk van het CDA ingebracht en
door de minister overgenomen) heeft de minister geweigerd extra middelen
beschikbaar te stellen. Met andere woorden: je vindt deze maatschappelijke
begeleiding ontzettend belangrijk maar je laat het de plaatselijke gemeenten
en vluchtelingen organisaties maar zelf uitzoeken hoe het betaald moet
worden. Voor Vluchtelingenwerk Leusden wordt dit dus een financieel probleem
met name voor het trainen en coachen van vrijwilligers. Voor de maatschappelijke
begeleiding weten ze gelukkig altijd weer nieuwe vrijwilligers te motiveren.
Hopelijk ziet de verantwoordelijke wethouder mevr. Oskam mogelijkheden
om, in samenwerking met Vluchtelingenwerk Leusden, van die maatschappelijke
begeleiding een succes te maken. Dit is goed voor de asielgerechtigde
inburgeringsplichtigen en goed voor ons. Naar verwachting wordt de startnotie
Wet Inburgering nog dit jaar in de Avond van Leusden ter vaststelling
aangeboden.
Jan Hondelink
|