Coalitieakkoord
Gemeente Leusden
Bestuursperiode
2010 - 2014
Hoofdstuk 1. Bestuur en
dienstverlening
1. Er worden samen met
de inwoners verbeterde en nieuwe (ook digitale) vormen van burgerparticipatie
ontwikkeld die bijdragen aan: (1) meer (ruimte voor) initiatieven door
particulieren, bedrijven en instellingen op vlakken waar nu nog een grote
afhankelijkheid van de gemeente is, (2) betrokkenheid bij, invloed op
en draagvlak (zie ook punt 1.4) voor gemeentelijk beleid en initiatieven.
2. De gemeente neemt actief deel aan het initiatief van maatschappelijke
partners om te komen tot een toekomstvisie voor Leusden die vooral gericht
is op de ‘kwaliteit’ van en in de toekomstige samenleving
(Leusden 2040).
3. Om de deelname van burgers aan de politieke discussie te versterken
wordt het mogelijk gemaakt om na indiening van een verzoek met 75 handtekeningen
een onderwerp op de raadsagenda te plaatsen. Bovendien wordt het spreekrecht
bij aanvang van de raadsvergadering ingevoerd over onderwerpen die op
de raadsagenda staan.
4. De gemeente neemt zichtbare initiatieven in de regio om te komen tot
verdergaande samenwerking op (1) beleidsmatig vlak (o.a. recreatie &
toerisme en economie) en (2) bedrijfsmatig vlak (bundelen uitvoeringstaken
met als doel kwetsbaarheid verminderen, kwaliteit vergroten en uitvoeringskosten
verlagen).
5. De bestuursstijl van de gemeente zal zodanig zijn dat voorgaande punten
de grootste kans van slagen hebben. Dit houdt in elk geval in dat het
college opereert als een slagvaardig en initiatiefvol team en in een vroeg
stadium en op transparante wijze de interactie met de omgeving aangaat.
De sturing van de raad geeft hiervoor de benodigde prikkels én
handelingsruimte. Dit omvat in elk geval een heldere opdrachtformulering
en concrete invulling van het begrip ‘draagvlak’ zoals benoemd
onder punt 1.1.
6. De ambitie is om door middel van een grenscorrectie met de gemeente
Amersfoort het gebied Stoutenburg Noord weer bij de gemeente Leusden te
voegen.
Hoofdstuk 2. Veiligheid
en openbare orde
1. Het beleid om schade
aan gemeentelijke eigendommen, met name door vandalisme, zoveel mogelijk
door de gemeente op de daders te verhalen, wordt geïntensiveerd.
2. Veiligheid is niet alleen een taak van gemeente en politie. De gemeente
bevordert een actieve betrokkenheid van inwoners en bedrijven bij de veiligheid
in hun directe leefomgeving.
3. Daartoe zal de effectiviteit van de wijkveiligheidsplannen samen met
inwoners en politie worden geëvalueerd. Mede op basis daarvan worden
kansen voor verdere samenwerking tussen burgers/bedrijven, gemeente en
politie benut. De wijkveiligheidsplannen zullen niet op zichzelf staan
maar onderdeel vormen van de bredere afweging van wat in een wijk gewenst/noodzakelijk
is.
4. De sociale veiligheid van fietsende jongeren/scholieren tussen Achterveld/Leusden
en Amersfoort wordt vergroot. Daartoe wordt eerst het probleem in kaart
gebracht en een nulsituatie vastgesteld.
Hoofdstuk 3. Leefomgeving en milieu
1. De gemeente initieert
en stimuleert het gebruik van alternatieve energiebronnen, schonere brandstoffen
en bevordert energiebesparing.
2. Inwoners en bedrijven worden zo veel als mogelijk mede verantwoordelijk
gemaakt voor het onderhoud en beheer van het openbaar groen. Hiertoe wordt
onder meer de verkoop van (aan privé eigendom grenzend) groen aan
particulieren verder bevorderd en krijgen buurten de kans het groenonderhoud
zelf ter hand te nemen.
3. In het kader van de afvalverwijdering wordt onderzocht of de vuilniszakken
kunnen worden vervangen door afvalbakken (kliko’s).
Hoofdstuk 4. Verkeer en vervoer
1. Er wordt in deze bestuursperiode
een (vrijliggend) fietspad tussen Leusden en Achterveld aangelegd. De
definitieve keuze voor het tracé wordt voor 1 januari 2011 door
de raad gemaakt op basis van een onafhankelijk vergelijkend onderzoek
naar varianten. De varianten langs de zuidzijde van de Asschatterweg en
langs de Modderbeek worden met elkaar vergeleken. Onderdeel van de uiteindelijke
keuze is in elk geval verbetering van de verkeersveiligheid langs de Asschatterweg.
2. Er komt een verkeersplan Achterveld. Hierin wordt ook naar maatregelen
voor het verder tegengaan van sluipverkeer gekeken. Alle kanalen, zowel
regio, provincie als rijk, worden benut om sluipverkeer tegen te gaan.
Hoofdstuk 5. Economie, werk en inkomen
1. Er worden faciliteiten
voor startende ondernemers, ZZP’ers en kleinschalige bedrijvigheid
gerealiseerd. Dit gebeurt op basis van een onderzoek naar de behoefte
en mogelijkheden. Hierbij wordt nauw samengewerkt met en waar mogelijk
ingehaakt op bestaande initiatieven van organisaties van het bedrijfsleven.
2. Er wordt met ondernemers gezamenlijk een plan van aanpak opgesteld
voor de ontwikkeling van citymarketing in Leusden. Als uitvloeisel hiervan
worden in elk geval initiatieven voor kleinschalig toerisme in Leusden
gestimuleerd.
3. De huidige wetgeving beperkt de mogelijkheden van openstelling van
winkels op zondag (inclusief de zogenaamde avondwinkelregeling). Aanpassing
van het huidige beleid geschiedt uitsluitend indien wijziging van de landelijke
wetgeving daartoe aanleiding geeft.
4. Er komt één aanspreekpunt voor ondernemers. Een accountmanager
van de gemeente (1 FTE) onderhoudt contacten met het bedrijfsleven en
stimuleert de werkgelegenheid.
Hoofdstuk 6. Onderwijs en cultuur
Hoofdstuk 7. Sport en recreatie
1. Aan het onderzoek naar
een tweede sporthal wordt een extra randvoorwaarde toegevoegd namelijk
dat de realisatie plaatsvindt op basis van publiek-private samenwerking
dan wel in de vorm van een volledig private realisatie.
Hoofdstuk 8. Maatschappelijke ondersteuning
1. Het aanbieden van zorg
en welzijn dichtbij huis wordt, in het licht van het vergroten van zelfredzaamheid,
door de gemeente actief gestimuleerd. Dit omvat ondermeer domotica, 24-uurs
zorg en ontmoetingsmogelijkheden in de wijk.
2. De gemeente neemt de regie om de mogelijkheden voor kinderopvang en
buitenschoolse opvang te vergroten en richt hiervoor een taskforce op.
Te denken valt hierbij aan het ruimhartiger omgaan met mogelijkheden van
bestemmingsplannen. Tevens wordt er in samenwerking met onder meer sportverenigingen
gekeken naar combinaties van voorzieningen waarin opvang een plek krijgt.
3. Er wordt een prijsvraag onder jongeren uitgeschreven danwel op een
andere innovatieve wijze bezien hoe de vraag en het aanbod van voorzieningen
voor jongeren worden ervaren. Op basis hiervan worden voorstellen voor
eventuele aanpassingen ontwikkeld.
4. Het wijkgericht werken (wijkbeheer/wijkwerk/wijkplatforms) wordt samen
met inwoners geëvalueerd. Op basis hiervan wordt een nieuwe manier
van werken in en met de wijken ontwikkeld. Hierbij wordt in elk geval
gekeken naar herverdeling van bestaande budgetten, medeverantwoordelijkheid
en initiatief van inwoners en bedrijven en de inzet van een coördinerend
bestuurder voor wijkgericht werken.
Hoofdstuk 9. Ruimte en
wonen
1. Er wordt in deze bestuursperiode
alleen gebouwd binnen de bestaande rode contouren. Hierbij wordt vooralsnog
uitgegaan van bestaand beleid, zijnde 400 extra woningen tot 2015. Op
basis van de nieuwe woonvisie wordt dit aantal zonodig aangepast.
2. De woonvisie wordt in 2011 geactualiseerd waarbij de woningbehoefte
in Leusden wordt vastgesteld in een meerjarig én regionaal perspectief.
3. Er wordt nooit gebouwd over het Valleikanaal.
4. De Raad zal nog dit jaar een kader (financieel, ruimtelijk/inpasbaarheid,
rol omwonenden) vaststellen waarbinnen het college zal opereren bij realisatie
van nieuwe woningen binnen de rode contour.
5. Nog dit jaar zal een plan worden vastgesteld voor de bouw van betaalbare
woningen voor ouderen en starters, in samenwerking met partners als de
Woningstichting Leusden.
6. Het is belangrijk dat op termijn de aantrekkelijkheid en levendigheid
van het ‘Hart van Leusden’ wordt vergroot en mogelijke kansen
voor ontwikkeling in de directe omgeving worden gekoppeld. In deze bestuursperiode
worden de mogelijkheden daarvoor verder geconcretiseerd inclusief een
procesaanpak voor realisatie en mogelijkheden voor publiek-private samenwerking.
7. Er wordt een totaalvisie voor de kantorenlocatie Princenhof ontwikkeld.
Hierin wordt naast de mogelijkheid voor woningbouw voldoende ruimte voor
de ontwikkeling van het bedrijfsleven opgenomen.
8. Indien het SBBO terrein vrijkomt zal voor dat gebied een visie voor
woningbouw worden ontwikkeld.
9. Er wordt een onderzoek uitgevoerd naar de mogelijkheden om bestaande
bedrijfsterreinen te revitaliseren, inclusief het ombouwen van kantoren
naar woningen.
10. De Groene Agenda voor het centraal buitengebied en het Langesteeg
gebied wordt uitgevoerd. De landbouwstructuur en natuurontwikkeling worden
versterkt.
11. De voorafgaande welstandsbeoordeling door de provinciale commissie
welstand wordt afgeschaft. Er komt een raadsvoorstel over welke welstandsregels
wel/niet in stand blijven en hoe daarop wordt toegezien.
12. De vorming van een Landschapsfonds waarin particulieren bijdragen
kunnen storten ter bevordering van de kwaliteit van het buitengebied,
wordt onderzocht en gestimuleerd.
Hoofdstuk 10. Financiën
1. Er zullen dusdanige
structurele ombuigingsmaatregelen worden getroffen dat zo snel als mogelijk,
maar in elk geval aan het einde van deze bestuursperiode, er een sluitende
gemeentelijke meerjarenbegroting is.
2. Hierbij zijn, binnen de wettelijke kaders, alle mogelijkheden bespreekbaar.
Gekeken wordt naar: (1) het schrappen en/of versoberen van taken en voorzieningen,
(2) het versoberen en/of bundelen met andere gemeenten, (3) het verhogen
van inkomsten door middel van het verwerven van subsidies/fondsen en (4)
het verdergaand toepassen van het profijtbeginsel waaronder kostendekkendheid
van tarieven.
3. De eerste stap naar begrotingsevenwicht is dat in het voorjaarsdebat
van 2010 voor in totaal netto € 1,6 miljoen aan ombuigingsmaatregelen
zal worden vastgesteld.
4. Voor deze taakstelling 1e tranche zal de ambtelijke brief met zoekrichtingen
“begrotingsevenwicht in de komende bestuursperiode” als leidraad
dienen. De nodige ombuigingen worden in eerste instantie gezocht in de
zoekrichtingen:
• 1. Efficiency, bestuur en organisatie
• 2. Fysieke leefomgeving
• 4. Dienstverlening en samenwerking
• 5. Regulering gemeenschap
5. Verdergaande maatregelen worden zo snel als mogelijk vastgesteld. Dit
gebeurt na het helder worden van de taakstelling die het Rijk als gevolg
van haar bezuinigingsopgave op het gemeentefonds legt, en op basis van
een door de raad te voeren kerntakendiscussie (zie punt 10.6).
6. De Raad zal vaststellen welke de kerntaken van de gemeente Leusden
zijn en in welke groep taken kan worden geschrapt (wat mag ten koste gaan
van wat).
7. Bij het schrappen en/of versoberen van taken en voorzieningen worden
minima zoveel als mogelijk ontzien en zal telkens beoordeeld worden of,
en zo ja in welke mate en vorm, en voor welke doelgroep een vangnet nodig
is.
Aldus opgemaakt en ondertekend op woensdag 31 maart 2010,
|