Weblog Ago  

Week 36, 37, 38
De week van wethouder Ago Salverda

Na de vakantie is het politieke werk al weer een week of vier aan de gang. Het wordt dus weer hoog tijd om deze weblog te schrijven. In deze eerste van het laatste politieke jaar van deze raadsperiode, ga ik in op enkele hoofdpunten die momenteel spelen en die voor een deel ook naar de verkiezingen door zullen werken.
Het eerste punt is de woningmarkt. Het is duidelijk dat die woningmarkt voor een deel stil ligt. Wij merken dat de goedkopere woningen (tot iets meer dan 200.000 euro) nog wel gekocht worden, voor een belangrijk deel dankzij de startersleningen die wij verstrekken. Werden die startersleningen vorig jaar maar mondjesmaat gebruikt, nu is de vraag groot. Op 24 september besluit de gemeenteraad over een nieuwe tranche van bijna 300.000 euro. Daar kan dan weer een flink aantal leningen worden verstrekt en zullen vooral jongeren in staat zijn een woning te kopen. Ik ben er blij mee dat het systeem zo goed werkt. De woningen boven de 250.000 euro worden vrijwel niet verkocht. Daar is het gebrek aan consumentenvertrouwen goed te merken: angst voor daling van de koopkracht, werkloosheid, afschaffing hypotheekrenteaftrek, enzovoorts. De neiging om naar een duurder huis te verhuizen is daardoor vrijwel nihil. Daar staat weer tegenover dat de vrije kavels in de Tabaksteeg wel goed worden verkocht. Wie geld heeft, is bereid een lege bouwkavel te kopen om daarop later een huis te bouwen. Dat laatste doet men pas als men zeker weet dat het huidige huis is verkocht.
Met een aantal deskundigen heb ik de afgelopen weken overlegd over de manier waarop wij de woningmarkt weer op gang kunnen brengen. De adviezen over de rol van de gemeente zijn beperkt. Het gaat er vooral om dat wij moeten doorgaan met het verstrekken van startersleningen en dat wij moeten uitstralen dat wij vertrouwen hebben in economisch herstel. Dat laatste is natuurlijk erg lastig.

Een ander punt dat speelt is de invoering van de Wabo (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht). Een van de punten van de Wabo is dat alle vergunningen op het gebied van milieu en ruimtelijke ordening via één loket en gecombineerd worden afgehandeld. Het loket zit in principe bij de gemeente, de afhandeling wordt meestal door de gemeente gedaan, maar soms ook door provincie of rijk. De invoering van de Wabo betekent nogal wat voor de organisatie van gemeenten en provincies. Zo wil de provincie dat er een regionale uitvoeringsdienst komt, waar de expertise van de provincie en een deel van de expertise van de gemeenten wordt ondergebracht. Dat zou kunnen leiden tot een provinciaal breed orgaan, met misschien wel 1.000 mensen aan personeel. De gemeenten –en ook wij- zoeken naar een uitvoeringsdienst die dichter bij de bevolking staat. Over de opzet moet binnenkort worden beslist en de discussie wordt steeds verhitter.

Het college is in principe van plan om de afdeling sociale zaken samen te voegen met die van Amersfoort. Dat gebeurt omdat in Amersfoort al veel diensten voor onze cliënten worden aangeboden (bijvoorbeeld UWV-WERKbedrijf en sociale werkvoorziening). Alles wijst erop dat de rol van de centrumgemeenten op het gebied van sociale zaken steeds belangrijker wordt. Als kleine gemeente hebben wij maar een kleine afdeling, waardoor we erg kwetsbaar zijn, bijvoorbeeld tijdens ziekte of vakantie van medewerkers op een éénmenspost. Ik heb met de raad al eens over deze zaak gesproken en merkte dat men begrip heeft voor zo’n besluit. Afgelopen week heeft ook het Platform Sociale Zekerheid (een adviesorgaan van het college) voorzichtig positief geadviseerd. Komende week spreekt het college zich hierover uit en vervolgens wordt ook een principebesluit van de gemeenteraad gevraagd. Als dat principebesluit positief uitvalt (waar ik van uit ga), dan kunnen we verder gaan met de uitwerking. Als alles volgens plan verloopt, kunnen de afdelingen sociale zaken eind volgend jaar worden samengevoegd.

De gemeenteraadsverkiezingen van maart volgend jaar werpen hun schaduw vooruit. In de afdeling zijn we al druk bezig het verkiezingsprogramma voor te bereiden en zetten we de contouren van de campagne op. Daarover hebben we al geregeld overleg. Ook op provinciaal en landelijk niveau ziet men de gemeenteraadsverkiezingen als een belangrijke graadmeter. Ik ben al naar een aantal bijeenkomsten geweest waar over de inhoud van de campagnes wordt gesproken. Het gaat een spannende tijd worden!

Vanaf volgende week zal ik mij weblog weer op de vertrouwde manier schrijven. Dan is alles weer “normaal”.