Column
12 oktober 2010, Joost van Herpen
Een spel met vergeten
spelregels.
In het weekend dat het
CDA congres in Arnhem zich uitsprak over de samenwerking met VVD en PVV
kreeg een wonderlijk formatieproces zijn einde. Een daadwerkelijke start
van het kabinet Rutte/Verhagen is naar verwachting nog een kwestie van
enkele dagen.
Los van alle pro’s en contra’s in de discussie over gedoogsteun
van PVV blijft mij de vraag bezig houden of in Nederland de staatsrechtelijke
regels bij het proces van coalitievorming overboord zijn gezet ? Als het
kabinet Rutte er komt is dat een kabinet dat slechts door een derde van
de leden van de Tweede Kamer (welgeteld 52 Kamerleden) formeel wordt gesteund.
Via een afzonderlijk gedoogakkoord wordt op vooraf gekozen onderwerpen
steun van de PVV vastgelegd.
In de praktijk zal echter keer op keer in wisselende meerderheden gezocht
moeten worden naar voldoende draagvlak in het parlement. Uitstapjes naar
de oppositie partijen, zo deze hiertoe al bereid zijn, worden noodzakelijk.
Ik vrees dat deze constructie veelvuldig zal leiden tot slappe compromissen
of stilstand bij gebrek aan draagvlak. Juist dit vooruitzicht, omdat afgestapt
is van een gouden staatrechtelijke gewoonte, formeer kabinetten op basis
van een gedragen meerderheid in de Tweede Kamer, belooft weinig goeds.
Rutte en Verhagen hadden voor dit probleem toch misschien eens moeten
komen praten met de Leusdense politici. Misschien ook niet altijd een
gewenste uitkomst, maar in Leusden wisten enige maanden terug alle politieke
partijen een handtekening te zetten onder een raadsconvenant op hoofdlijnen.
Op hoofdlijnen zijn in Leusden alle partijen het eens over de gewenste
koers. Van een dergelijke eensgezindheid is in Den Haag weinig te proeven.
Het is na zo een lang formatieproces misschien goed dat een zo wankel
kabinet toch maar van start gaat. Een lang leven zal het niet beschoren
zijn. Daartoe ontbreekt de gewenste stevige meerderheid in de Tweede Kamer,
is de achterban in het CDA veel teveel verdeeld en bestaat er geen echte
ideologische synergie tussen kabinetspartijen en de gedoger. Echter een
kabinet dat veel echte problemen met een grote boog ontloopt en een sociaaleconomisch
beleid voorstaat dat de rekening wel heel eenzijdig bij de minder bedeelden
in dit land legt en de beter betaalden ontziet, hoort ook niet lang in
het centrum van de macht te opereren.
Als we met elkaar vinden dat Nederland een aantal forse problemen moet
aanpakken en die zijn er genoeg, dan is een minderheids kabinet ook niet
de aangewezen weg. In dit kader is het verbazingwekkend dat VVD en CDA
alsmaar uitspreken dat Nederland schreeuwt om een daadkrachtig kabinet
maar vervolgens verzuimen hiervoor een deugdelijke meerderheid in het
parlement te organiseren.
Ook voor de gemeenten belooft het aantredende kabinet weinig goeds. Bezuinigen
in Den Haag betekenen per definitie dat we het in Leusden financieel gezien
ook niet droog houden. Daarnaast vrees ik dat de gemeenten taken toebedeeld
krijgen onder meer ten aanzien van jeugdige arbeidsongeschikten en WSW
(beschermde arbeidsomgeving voor geestelijk of fysiek gehandicapten) waarvoor
onvoldoende financiële middelen mee overkomen. Geen enkel bezwaar
om nieuwe taken dicht bij de burger te organiseren. Maar tegen deze vorm
van bestuurlijke financiële uitbuiting moet de VNG krachtig stelling
nemen en nu ook eens stand houden namens alle gemeenten in ons land.
Ik verwacht ook een gemeentelijk weerwoord op de plannen om tot een min
of meer nationale politie ter komen. Weer een grootse reorganisatie in
politieland die energie vreet en nog minder blauw op straat zal laten
zien. Bovendien het schrikbeeld dat we in de toekomst bij openbare orde
en veiligheidsvraagstukken in Leusden bij wijze van spreken te rade moeten
bij de Amsterdamse burgemeester heeft weinig meer op met een lokaal ingebedde
politiezorg.
Terugkijkend is het jammer dat onvoldoende het besef van samen binden,
juist in moeilijke tijden, bij de politici in het formatieproces op de
voorgrond heeft gestaan. Nederland is en blijft, leuk of niet, toch een
land waarin met (meerderheids) coalitiekabinetten gewerkt moet worden.
Omwille van ideologische motieven lijken VVD en CDA in deze (even) de
weg kwijt te zijn.
Joost van Herpen
Raadslid gemeente Leusden
oude
columns
|